Pestprotocol

Aanspreekpunt: Mario Nooitgedagt info@jcrjudo.nl

In dit document hebben als JCR vastgelegd hoe wij door gewenst gedrag te stimuleren pesten binnen de club trachten te voorkomen. Daarna zal behandeld worden hoe wij omgaan met situaties waarin dit toch gebeurt/dreigt te gebeuren. Tot slot zal uitgewerkt worden welke sancties mogelijk zijn als een situatie niet tot een oplossing komt.

Gewenste omgang bevorderen
Het is erg belangrijk dat judoka’s zich veilig voelen in hun sportomgeving.Hier hoort bij dat zij zich niet gepest mogen voelen. Om het risico daarop zoklein mogelijk te maken hebben we een aantal gedragsregels opgesteld. Dezeregels zijn hieronder te vinden. Een aantal dingen zijn in onze club niettoegestaan. 

 Hieronder vallen:
• Het beoordelen op uiterlijk, afkomst, geslacht of andere persoonskenmerken ofhet maken van kwetsende
   opmerkingen daarover. 
• Ongewenst aan de spullen van een ander komen.
• Een ander bewust hardhandig behandelen en/of fysiek pijn doen bij hetoefenen.
• Elkaar met een bijnaam aanspreken die door de bedoelde persoon ervan niet alspositief ervaren wordt. 
• Vloeken of schelden. 
• Roddelen.

Daarnaast verwachten wij van leden de volgende dingen uitdrukkelijk wel:
• Probeer ruzie altijd samen op te lossen. 
• Wanneer dit niet lukt: Zoek contact met een trainer, vertrouwens contactpersoon/of bestuurslid.
• Luister aandachtig naar elkaar.
• Help elkaar waar nodig. 
• Zorg dat nieuwkomers in de groep goed worden ontvangen en opgevangen.

Bovenstaande gedragsregels worden al bij inschrijving kenbaar gemaakt aan al onze leden en zijn terug te vinden op www.jcrjudo.nl. Verder wordt er door de trainers regelmatig aandacht aan besteedt en zien wij toe op de naleving ervan tijdens de sportlessen. Bovendien wordt aan ouders/verzorgers ook gevraagd om ongewenst gedrag te melden wanneer zij dit tegenkomen of vermoeden.

 Situaties van pestgedrag oplossen:
 Als er een vermoeden bestaat dat erbinnen de club gepest wordt dan worden de volgende stappen doorlopen:
• Er wordt vastgesteld of de gepeste heeft geprobeerd het samen met de Pesterop te lossen.
• Als de gepeste er niet uitkomt grijpt de sportleraar/trainer in. Hij/zijbrengt de partijen bij elkaar voor een verhelderingsgesprek en probeert samenmet hen de ruzie of pesterijen op te lossen en (nieuwe) afspraken te maken. Erwordt contract gezocht met de ouders van de partijen nadat de kinderen hieroveringelicht zijn. 
Eventueel wordt een gesprek gevoerd met de hele groep. Hierin kan aan de ordekomen wat de oorzaken en de gevolgen zijn voor slachtoffers, daders, meelopersen zwijgende middengroep. Besproken kan worden of ze zich realiseren welkverdriet zij veroorzaken met hun gedrag en/of houding. 
Vervolgens kan aan de groep suggesties gevraagd worden hoe de situatieverbeterd kan worden voor de gepeste budoka. Bij herhaaldelijkeruzie/pestgedrag neemt de leraar duidelijk stelling en houdt een bestraffendgesprek met de Pester. 

De fase van bestraffen/sancties treedt in werking.
De naam van de ruziemaker/Pester vastgelegd in een verslag.
Bij iedere melding omschrijft de leraar ‘de toedracht’.
De leraar en ouders proberen in goed overleg samen te werken aan een vooriedereen bevredigende oplossing.
Als het gaat om jonge kinderen worden de ouders hier actief bij betrokken.

Sancties
Mochten pogingen tot verbetering van de situatie door sporters, trainer enouders niet tot een oplossing leiden dan kan de club overgaan tot het opleggenvan sancties. Een besluit hiertoe volgt altijd uit samenspraak tussen traineren bestuur. De mogelijke sancties lopen op van licht naar steeds zwaarder enkunnen in die volgorde worden gegeven als een situatie zich over langere tijdniet verbetert. Hieronder zijn de sancties per categorie opgesomd.

Eerste sancties
• Eén training niet aanwezig zijn. 
• Voor een bepaald aantal trainingen: blijven tot de andere sporters naar huisvertrokken zijn. 
• Een schriftelijke opdracht zoals een stelopdracht over de toedracht enzijn/haar rol in het pestprobleem door
   gesprek: bewustwording voor wathij/zij met het gepeste kind uithaalt. 
• Afspraken maken met de Pester over gedragsveranderingen. De naleving van dezeafspraken komen aan het einde van iedere week (voor een periode) in een kortgesprek aan de orde.

 Vervolgsancties

• De ouders nadrukkelijker bij de oplossing betrekken. De judoclub heeft een dossier bijgehouden van de acties die hebben plaatsgevonden. Dit dossier is uitgangspunt voor het gesprek. In overleg de Pester in een andere groep plaatsen.
• Bij aanhoudend pestgedrag de Pester voor een bepaalde periode schorsen.

 Laatste sanctie
• In extreme gevallen kan de Pester geroyeerd worden van de club.